ECLI:NL:CRVB:2010:BM7272
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- N.J. van Vulpen-Grootjans
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek voorlopige voorziening bij hoger beroep inzake afkoop pensioen en bijstand
Betrokkene ontvangt sinds 2002 bijstand op grond van de WWB. Verzoeker, het College van burgemeester en wethouders van Maastricht, herzag de bijstand over september 2008 vanwege een niet gemelde afkoopsom van het pensioenfonds. De rechtbank verklaarde het bezwaar van betrokkene tegen deze herziening gegrond en vernietigde het besluit van het College, omdat de afkoopsom als vermogen en niet als inkomen moest worden beschouwd.
Het College stelde hoger beroep in en vroeg om een voorlopige voorziening om de uitspraak van de rechtbank te schorsen. De Centrale Raad van Beroep oordeelde dat de enkele omstandigheid dat de uitspraak mogelijk niet in stand blijft, geen spoedeisend belang vormt. Ook het feit dat het College meerdere soortgelijke zaken in behandeling heeft, rechtvaardigt geen voorlopige voorziening.
De Raad concludeerde dat het risico van organisatorische en financiële problemen onvoldoende aannemelijk is gemaakt en wees het verzoek af. De uitspraak werd gedaan door voorzieningenrechter N.J. van Vulpen-Grootjans op 1 juni 2010.
Uitkomst: Het verzoek om voorlopige voorziening wordt afgewezen wegens het ontbreken van een spoedeisend belang.