ECLI:NL:CRVB:2010:BM7333
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- J.G. Treffers
- J. Th. Wolleswinkel
- B.J. van de Griend
- Rechtspraak.nl
Bevestiging afwijzing doorbetaling bezoldiging wegens ziekte na ontslag ambtenaar
Appellant was werkzaam bij de rechtbank Amsterdam en werd ontslagen wegens onbekwaamheid per 1 juli 2003. Hij verzocht om doorbetaling van zijn bezoldiging over de periode na ontslag op grond van artikel 38 ARAR Pro, omdat hij stelde arbeidsongeschikt te zijn wegens ziekte.
De bedrijfsarts had appellant echter al op 13 januari 2003 arbeidsgeschikt verklaard en ook tijdens een spreekuur op 4 februari 2003 werd hij als arbeidsgeschikt beoordeeld. Appellant ontkende aanvankelijk dit spreekuurcontact, maar gaf later toe dat het had plaatsgevonden. Zijn stelling dat hij toen een verklaring van zijn huisarts had overlegd en niet werd geïnformeerd over arbeidsgeschiktheid, overtuigde de Raad niet.
De Raad concludeerde dat appellant niet arbeidsongeschikt was op het moment van ontslag en dat er geen aanwijzingen waren dat zijn geschiktheid tot arbeid daarna was gewijzigd. Daarom was er geen grond voor doorbetaling van bezoldiging wegens ziekte na ontslag. Het hoger beroep werd ongegrond verklaard en de eerdere uitspraak van de rechtbank bevestigd.
Uitkomst: Hoger beroep ongegrond; geen recht op doorbetaling bezoldiging wegens ziekte na ontslag.