ECLI:NL:CRVB:2010:BN0927
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- C.W.J. Schoor
- Rechtspraak.nl
Bevestiging weigering WIA-uitkering wegens minder dan 35% arbeidsongeschiktheid
Appellant, werkzaam als assistent beheerder/kok, viel op 19 mei 2006 uit wegens gezondheidsproblemen. Zijn aanvraag voor een WIA-uitkering werd op 28 mei 2008 afgewezen omdat hij minder dan 35% arbeidsongeschikt werd geacht. Het bezwaar tegen dit besluit werd door het UWV ongegrond verklaard en de rechtbank Amsterdam verklaarde het beroep tegen dit besluit eveneens ongegrond.
In hoger beroep stelde appellant dat zijn beperkingen waren onderschat en dat het medisch onderzoek onzorgvuldig was geweest. Ook voerde hij aan dat de functies die hem waren aangedragen niet passend waren vanwege opleidings- en ervaringseisen. De Raad oordeelde dat appellant geen nieuwe medische informatie had aangeleverd die het eerdere oordeel zou kunnen wijzigen en dat het medisch onderzoek zorgvuldig was uitgevoerd.
De Raad achtte de functies passend gelet op de medische beperkingen en de toelichting van de arbeidsdeskundige. Het bezwaar tegen het volgen van interne opleidingen werd verworpen omdat appellant cognitief niet beperkt is en de functies een laag opleidingsniveau vereisen. De leeftijd van appellant werd niet meegewogen bij de beoordeling van de mate van arbeidsongeschiktheid.
De Centrale Raad van Beroep bevestigde de uitspraak van de rechtbank en wees het hoger beroep af. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt afgewezen en de weigering van de WIA-uitkering bevestigd.