ECLI:NL:CRVB:2010:BN1671
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- T.L. de Vries
- T. Hoogenboom
- H.J. Simon
- Rechtspraak.nl
Bestendiging WAO-uitkering en vergoeding kosten bezwaarprocedure
Appellant, een voormalig internationaal vrachtwagenchauffeur, kreeg een WAO-uitkering wegens whiplashgerelateerde klachten. Na intrekking van deze uitkering op 23 december 2005, tekende appellant bezwaar aan. De bezwaarprocedure leidde tot een ongewijzigde voortzetting van de uitkering met een arbeidsongeschiktheidspercentage van 35 tot 45%.
De rechtbank verklaarde het beroep tegen het eerste besluit niet-ontvankelijk en wees het beroep tegen het tweede besluit ongegrond, maar kende wel een beperkte kostenvergoeding toe. Appellant ging in hoger beroep tegen de medische en arbeidskundige beoordeling en de kostenvergoeding.
De Centrale Raad van Beroep onderschrijft het oordeel over de medische en arbeidskundige gronden en de hoogte van de kostenvergoeding, maar vernietigt het vonnis voor wat betreft de toekenning van de kostenvergoeding door de rechtbank zonder gegrondverklaring van het beroep. De Raad veroordeelt het UWV tot vergoeding van de kosten van de bezwaarprocedure (€ 558,64), de proceskosten in eerste aanleg (€ 644) en in hoger beroep (€ 322), en tot vergoeding van het griffierecht (€ 145).
Uitkomst: De WAO-uitkering wordt ongewijzigd voortgezet en het UWV wordt veroordeeld tot vergoeding van de kosten van de bezwaarprocedure en proceskosten.