ECLI:NL:CRVB:2010:BN1698
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- C.W.J. Schoor
- Rechtspraak.nl
Bevestiging intrekking WAO-uitkering wegens detentie ondanks niet-ontvangen brief
Appellant ontving een WAO-uitkering die door het UWV werd ingetrokken vanwege detentie die langer dan een maand duurde. Het UWV stuurde een brief aan het woonadres van appellant waarin werd meegedeeld dat de uitkering zou worden ingetrokken per 17 november 2007. Appellant gaf geen adreswijziging door en vroeg ook niet om correspondentie naar het detentieadres te sturen.
De rechtbank verklaarde het beroep van appellant tegen het intrekkingsbesluit ongegrond, omdat het UWV terecht de brief aan het woonadres had gestuurd en het uitblijven van het intrekkingsbesluit geen gerechtvaardigd vertrouwen kon wekken dat de uitkering zou doorlopen. Appellant voerde in hoger beroep aan dat hij de brief niet had ontvangen, maar dit werd door de Raad niet geloofd.
De Raad stelde vast dat appellant geen inzicht gaf in de postbehandeling tijdens detentie en dat hij het intrekkingsbesluit wel had ontvangen, aangezien hij bezwaar had gemaakt. De detentie was inmiddels beëindigd, maar appellant had dit niet aangevoerd. De Raad bevestigde daarom de uitspraak van de rechtbank en wees het hoger beroep af.
Uitkomst: De intrekking van de WAO-uitkering per 17 november 2007 wordt bevestigd ondanks het niet ontvangen van de brief door appellant.