ECLI:NL:CRVB:2010:BN4706
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- T.L. de Vries
- C.W.J. Schoor
- H.J. Simon
- Rechtspraak.nl
Toekenning kinderbijslag bij aanzienlijk hogere onderhoudskosten door betrokkene
Betrokkene heeft kinderbijslag aangevraagd voor haar kleindochter, die sinds het overlijden van haar moeder bij haar woont. De vader van het kind betaalt kinderalimentatie, maar betrokkene draagt maandelijks aanzienlijk meer bij aan de onderhoudskosten.
De Sociale verzekeringsbank (Svb) weigerde kinderbijslag toe te kennen op grond dat het kind niet als pleegkind kan worden aangemerkt omdat de vader bijdraagt in het onderhoud. De rechtbank oordeelde echter dat deze uitleg onjuist was en dat het bijdragen van de vader niet uitsluit dat betrokkene het kind onderhoudt als een eigen kind.
De Raad bevestigt dit oordeel en stelt dat het criterium is dat betrokkene duidelijk meer bijdraagt in de noodzakelijke onderhoudskosten. Daarnaast veroordeelt de Raad de Svb tot vergoeding van wettelijke rente wegens vertragingsschade en tot betaling van proceskosten aan betrokkene.
Uitkomst: Betrokkene heeft recht op kinderbijslag omdat zij aanzienlijk meer onderhoudskosten draagt dan de vader; de Sociale verzekeringsbank wordt veroordeeld tot vergoeding van renteschade en proceskosten.