ECLI:NL:CRVB:2010:BN6761
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Ch. van Voorst
- Rechtspraak.nl
Veroordeling UWV in proceskosten na intrekking hoger beroep wegens tegemoetkoming
Appellant stelde hoger beroep in tegen een uitspraak van de rechtbank Assen inzake een geschil met het UWV. Tijdens de procedure nam het UWV een nieuwe beslissing op bezwaar die volledig tegemoet kwam aan de bezwaren van appellant. Hierdoor trok appellant het hoger beroep in en verzocht om veroordeling van het UWV in de proceskosten.
De Centrale Raad van Beroep stelde vast dat het UWV met de nieuwe beslissing geheel aan de bezwaren tegemoet was gekomen, waardoor op grond van artikel 8:75a van de Algemene wet bestuursrecht het UWV in de proceskosten kan worden veroordeeld. De Raad bepaalde dat de proceskosten begroot werden op € 644 voor rechtsbijstand in beroep en € 322 voor rechtsbijstand in hoger beroep.
Daarnaast werden de kosten van medische rapporten van het Neurologisch Expertise en Behandelcentrum te Diever forfaitair vergoed op basis van het Besluit proceskosten bestuursrecht en het Besluit Tarieven in strafzaken, resulterend in een bedrag van € 1.079,93. De totale proceskostenvergoeding werd vastgesteld op € 2.045,93. Voor griffierecht kon appellant zich rechtstreeks tot het UWV wenden.
De uitspraak werd gedaan door rechter Ch. van Voorst, in aanwezigheid van griffier M. Mostert, en uitgesproken in het openbaar op 8 september 2010.
Uitkomst: Het UWV wordt veroordeeld in de proceskosten van appellant tot een bedrag van € 2.045,93 na intrekking van het hoger beroep wegens tegemoetkoming.