ECLI:NL:CRVB:2010:BO3557
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- D.J. van der Vos
- C.P.M. van de Kerkhof
- M. Greebe
- Rechtspraak.nl
Herroeping intrekking WAO-uitkering wegens onvoldoende aannemelijkheid duurzame arbeidsgeschiktheid
Appellante, sinds 1989 arbeidsongeschikt verklaard wegens psychische klachten, kreeg haar WAO-uitkering op basis van een mate van arbeidsongeschiktheid van 80 tot 100% toegekend. In 2006 werd haar uitkering ingetrokken op grond van een Functionele Mogelijkheden Lijst (FML) en arbeidskundig onderzoek dat stelde dat zij duurzaam arbeid kon verrichten.
Appellante voerde in bezwaar en beroep aan dat haar beperkingen, waaronder een posttraumatische stressstoornis en sociale fobie, onderschat waren. Diverse rapporten van psychiaters en medisch adviseurs werden overgelegd, waarbij een onafhankelijke deskundige werd ingeschakeld die concludeerde dat haar belastbaarheid zeer gering was en het psychiatrisch toestandsbeeld chronisch was.
De Raad volgde het oordeel van deze onafhankelijke deskundige en oordeelde dat onvoldoende aannemelijk was dat appellante duurzaam arbeid kon verrichten. De rechtbank had het standpunt van de bezwaarverzekeringsarts gevolgd, maar de Raad vernietigde de uitspraak en het bestreden besluit, herroept het besluit van 3 maart 2006 en bevestigt het recht op WAO-uitkering.
Daarnaast veroordeelde de Raad het UWV tot vergoeding van wettelijke rente, schade en proceskosten van appellante, inclusief kosten van de ingeschakelde psychiater.
Uitkomst: Het besluit tot intrekking van de WAO-uitkering wordt vernietigd en het recht op uitkering met 80 tot 100% arbeidsongeschiktheid wordt hersteld.