ECLI:NL:CRVB:2010:BO3748
Centrale Raad van Beroep
- Voorlopige voorziening
- K. Zeilemaker
- Rechtspraak.nl
Voorlopige voorziening tegen ontslag wegens ongeschiktheid bij IND
Verzoeker, werkzaam bij de Dienst Terugkeer & Vertrek van de Immigratie- en Naturalisatiedienst sinds 1995, werd ontslagen wegens ongeschiktheid anders dan op grond van ziels- of lichaamsgebreken. Het ontslag volgde op eerdere disciplinaire maatregelen wegens vermeend plichtsverzuim, waaronder onjuiste reisdeclaraties en onvoldoende aanwezigheid.
De rechtbank had het ontslagbesluit vernietigd wegens onvoldoende feitelijke grondslag en onevenredigheid van de straf, waarna de minister een nieuw ontslagbesluit nam. Verzoeker stelde een voorlopige voorziening in tegen dit nieuwe besluit.
De voorzieningenrechter oordeelt dat het ontslagbesluit onvoldoende feitelijke grondslag heeft, dat verzoeker niet in de gelegenheid is gesteld zijn functioneren te verbeteren en dat zijn langdurige dienstverband zonder eerdere problemen zwaarwegend is. Daarom wordt het ontslagbesluit geschorst en wordt de minister opgedragen verzoeker salaris te betalen alsof het ontslag niet heeft plaatsgevonden, totdat het hoger beroep is afgerond.
Uitkomst: De werking van het ontslagbesluit wordt geschorst en verzoeker ontvangt salaris totdat het hoger beroep is beslist.