ECLI:NL:CRVB:2010:BO4402

Centrale Raad van Beroep

Datum uitspraak
17 november 2010
Publicatiedatum
5 april 2013
Zaaknummer
10-1571 WAO
Type
Uitspraak
Uitkomst
Overig
Procedures
  • Hoger beroep
Rechters
  • D.J. van der Vos
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 8:75a AwbArt. 8:75 AwbArt. 21 Beroepswet
Verwijzingen
6 uitgaand
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Intrekking hoger beroep na tegemoetkoming UWV en veroordeling in proceskosten

Appellant had hoger beroep ingesteld tegen een uitspraak van de rechtbank ’s-Hertogenbosch inzake een WAO-zaak. Het UWV heeft vervolgens op 19 augustus 2010 een nieuwe beslissing op bezwaar genomen waarin het geheel aan de bezwaren van appellant tegemoetkwam. Naar aanleiding hiervan heeft appellant het hoger beroep ingetrokken en verzocht om veroordeling van het UWV in de proceskosten.

De Raad heeft met toestemming van partijen het onderzoek ter zitting achterwege gelaten en het verzoek tot veroordeling in proceskosten beoordeeld. Op grond van artikel 8:75a van de Algemene wet bestuursrecht en artikel 21 van Pro de Beroepswet kan het bestuursorgaan bij intrekking van het beroep wegens tegemoetkoming worden veroordeeld in de proceskosten.

De Raad stelde vast dat het UWV geheel aan de bezwaren tegemoet was gekomen en dat de kosten die appellant redelijkerwijs heeft moeten maken voor beroep en hoger beroep begroot werden op € 1.242,--. Het griffierecht kan appellant rechtstreeks bij het UWV verhalen. De Raad veroordeelde het UWV tot betaling van deze proceskosten aan appellant.

Uitkomst: Het UWV wordt veroordeeld tot betaling van € 1.242,-- aan proceskosten na intrekking van het hoger beroep wegens volledige tegemoetkoming.

Uitspraak

10/1571 WAO
Centrale Raad van Beroep
Enkelvoudige kamer
U I T S P R A A K
als bedoeld in artikel 8:75a van de Algemene wet bestuursrecht en artikel 21 van Pro de Beroepswet in verband met het hoger beroep van:
[appellant], wonende te [woonplaats] (hierna: appellant),
tegen de uitspraak van de rechtbank ’s-Hertogenbosch van 4 februari 2010, 08/3071 (hierna: aangevallen uitspraak),
in het geding tussen:
appellant
en
de Raad van bestuur van het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen (hierna: Uwv)
Datum uitspraak: 17 november 2010
I. PROCESVERLOOP
Namens appellant heeft mr. P.W.G.J. de Haas, werkzaam bij DAS Rechtsbijstand te
’s-Hertogenbosch, hoger beroep ingesteld tegen de aangevallen uitspraak.
Het Uwv heeft op 19 augustus 2010 een nieuwe beslissing op bezwaar genomen.
Bij faxbericht van 25 augustus 2010 heeft mr. De Haas, voornoemd, namens appellant het hoger beroep ingetrokken en gelijktijdig aan de Raad verzocht het Uwv te veroordelen in de proceskosten.
Het Uwv heeft de Raad bericht dat het akkoord kan gaan met een veroordeling in de proceskosten van appellant.
Met toestemming van partijen heeft de Raad bepaald dat het onderzoek ter zitting achterwege blijft, waarna het onderzoek is gesloten.
II. OVERWEGINGEN
Artikel 8:75a, eerste lid, eerste volzin, van de Algemene wet bestuursrecht (Awb) bepaalt dat in geval van intrekking van het beroep omdat het bestuursorgaan geheel of gedeeltelijk aan de indiener van het beroepschrift is tegemoetgekomen, het bestuursorgaan op verzoek van de indiener bij afzonderlijke uitspraak met toepassing van artikel 8:75 van Pro de Awb in de kosten kan worden veroordeeld. Ingevolge artikel 21 van Pro de Beroepswet is deze bepaling van overeenkomstige toepassing op het hoger beroep.
De Raad stelt vast dat het Uwv met de nieuwe beslissing op bezwaar van 19 augustus 2010 geheel aan de bezwaren van appellant is tegemoetgekomen.
Aangezien het Uwv in zijn beslissing van 19 augustus 2010 reeds heeft beslist over vergoeding van de kosten in bezwaar staat de Raad slechts ter beoordeling de kosten die appellant in verband met de behandeling van beroep en het hoger beroep redelijkerwijs heeft moeten maken. De proceskosten worden, ingevolge het Besluit proceskosten bestuursrecht, begroot op € 805,-- in voor verleende rechtsbijstand in beroep en € 437,-- voor verleende rechtsbijstand in hoger beroep.
Voor vergoeding van het betaalde griffierecht kan appellant zich rechtstreeks tot het Uwv wenden.
III. BESLISSING
De Centrale Raad van Beroep;
Recht doende:
Veroordeelt het Uwv in de kosten van appellant tot een bedrag van € 1.242,--.
Deze uitspraak is gedaan door D.J. van der Vos, in tegenwoordigheid van M. Mostert als griffier. De beslissing is uitgesproken in het openbaar op 17 november 2010.
(get.) D.J. van der Vos.
(get.) M. Mostert.
IvR