ECLI:NL:CRVB:2010:BO4605
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging herziening WAO-uitkering na zorgvuldige medische beoordeling
Appellant, arbeidsongeschikt verklaard vanwege lichamelijke en psychische klachten, ontving een WAO-uitkering die later werd herzien en ingetrokken door het UWV. Na bezwaar en beroep werd de uitkering herzien naar een mate van arbeidsongeschiktheid van 25 tot 35%. De rechtbank vernietigde het eerdere besluit en beval een nieuwe beslissing met inachtneming van aanvullend bloedonderzoek.
De Centrale Raad van Beroep beoordeelde het geschil in hoger beroep. Uit het medisch onderzoek, waaronder een Functionele Mogelijkheden Lijst (FML) van januari 2007 en rapportages van bezwaarverzekeringsarts Rombout, bleek dat de beperkingen van appellant juist waren ingeschat. De Raad vond geen reden om te twijfelen aan de geschiktheid van de functies die aan appellant waren toegewezen.
Appellant voerde aan dat allergische klachten onvoldoende waren meegewogen, maar de Raad achtte de klachten niet zodanig ernstig dat deze tot beperkingen leidden. Ook de resultaten van bloedonderzoek gaven geen aanleiding tot aanpassing van de FML. Het advies van de Gezondheidsraad werd als algemeen en niet specifiek voor appellant beoordeeld.
De Raad concludeerde dat het onderzoek zorgvuldig was verricht en bevestigde het bestreden besluit van het UWV. De WAO-uitkering werd derhalve niet gewijzigd.
Uitkomst: De Centrale Raad van Beroep bevestigt de herziening van de WAO-uitkering met een arbeidsongeschiktheid van 25 tot 35%.