ECLI:NL:CRVB:2010:BO5412
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- G.J.H. Doornewaard
- Rechtspraak.nl
Geen recht op WIA-uitkering wegens juiste vaststelling belastbaarheid en geschikte functies
Appellant, die zich wegens rug- en spanningsklachten ziek heeft gemeld, vroeg een WIA-uitkering aan. Een verzekeringsarts stelde fysieke en psychische beperkingen vast, vastgelegd in een Functionele Mogelijkheden Lijst (FML). Op basis daarvan selecteerde een arbeidsdeskundige geschikte functies met een verlies aan verdiencapaciteit van minder dan 35%. Het UWV besloot dat appellant geen recht had op een WIA-uitkering.
De rechtbank verklaarde het beroep van appellant ongegrond en oordeelde dat het verzekeringsgeneeskundige onderzoek zorgvuldig was en de belastbaarheid juist was vastgesteld. Appellant voerde in hoger beroep aan dat zijn beperkingen werden onderschat, mede op basis van een advies in het kader van de WWB en rapporten van een bedrijfsarts en een GZ-psycholoog uit 2010.
De Raad stelde vast dat het WWB-advies niet vergelijkbaar is met de WIA-toetsing en dat de medische gegevens uit 2010 niet relevant zijn voor de datum van beoordeling in 2008. De bevindingen van de verzekeringsarts en bezwaarverzekeringsarts, ondersteund door orthopedisch specialisten, zijn juist en voldoende gefundeerd. Het hoger beroep wordt daarom verworpen en de aangevallen uitspraak bevestigd.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de aangevallen uitspraak bevestigd; appellant heeft geen recht op een WIA-uitkering.