ECLI:NL:CRVB:2010:BO7187
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Ch. van Voorst
- Rechtspraak.nl
Beëindiging ziekengeld terecht wegens geschiktheid voor passende arbeid zonder psychische belasting
Appellant maakte bezwaar tegen het besluit van het UWV om per 5 maart 2008 het ziekengeld te beëindigen, omdat hij volgens het UWV geschikt was voor ten minste één functie uit de arbeidsmogelijkhedenlijst zonder bijzondere psychische belasting. De rechtbank verklaarde het beroep ongegrond en bevestigde het besluit van het UWV.
In hoger beroep stelde appellant dat hij vanwege lichamelijke en psychische klachten geen arbeid kon verrichten en dat nader medisch onderzoek naar zijn psychische klachten noodzakelijk was. Het UWV stelde dat appellant geen nieuwe medische gegevens had overgelegd die aanleiding gaven het standpunt te herzien.
De Raad oordeelde dat het hoger beroep geen nieuwe feiten of medische onderbouwing bevatte die het eerdere oordeel konden wijzigen. Daarom bevestigde de Raad de uitspraak van de rechtbank en het besluit van het UWV. Er werd geen aanleiding gezien voor het instellen van nader medisch onderzoek of vergoeding van proceskosten.
Uitkomst: Beëindiging ziekengeld wordt bevestigd omdat appellant geschikt is voor functies zonder bijzondere psychische belasting.