ECLI:NL:CRVB:2010:BO7928
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- G. van der Wiel
- C.W.J. Schoor
- N.J.E.G. Cremers
- Rechtspraak.nl
Bevestiging herziening WAO-uitkering ondanks betwisting medische beoordeling
Appellant, voormalig inpakker, ontving sinds 1985 een WAO-uitkering wegens arbeidsongeschiktheid. Na een herbeoordeling in 2007 werd de uitkering verlaagd op basis van een arbeidsongeschiktheid van 25 tot 35%. Appellant betwistte deze herziening en voerde aan dat het medisch onderzoek onzorgvuldig was en dat zijn fysieke en psychische belastbaarheid werd overschat.
In de bezwaar- en beroepsprocedure werden diverse medische rapporten overgelegd, waaronder van verzekeringsartsen, neurologen, psychologen en psychiaters. De Raad concludeerde dat de medische toestand van appellant sinds de eerdere beoordeling niet wezenlijk was veranderd en dat de functionele mogelijkhedenlijst (FML) waarop het UWV zich baseerde, adequaat was vastgesteld.
De Raad oordeelde dat ondanks enkele aanvullende bevindingen in latere rapporten, deze geen aanleiding gaven om het bestreden besluit te herzien. De medische en arbeidskundige onderbouwing was voldoende gemotiveerd en zorgvuldig uitgevoerd. Het beroep van appellant werd ongegrond verklaard en de eerdere uitspraak van de rechtbank bevestigd.
Uitkomst: De herziening van de WAO-uitkering wordt bevestigd en het beroep van appellant wordt ongegrond verklaard.