ECLI:NL:CRVB:2010:BO7960
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging ongewijzigde voortzetting WAO-uitkering wegens voldoende medische en arbeidskundige grondslag
Appellant, voormalig timmerman, ontvangt sinds 1992 een WAO-uitkering wegens arbeidsongeschiktheid. In 2007 meldde hij zich toegenomen arbeidsongeschikt, maar het UWV besloot de uitkering ongewijzigd voort te zetten op basis van medisch en arbeidskundig onderzoek.
Appellant maakte bezwaar tegen dit besluit en stelde dat zijn belastbaarheid werd overschat, onderbouwd met medische verklaringen van een reumatoloog en huisarts. De rechtbank verklaarde het beroep ongegrond, oordelend dat het medisch onderzoek zorgvuldig was en de functies passend waren.
In hoger beroep herhaalde appellant zijn standpunten, maar de Centrale Raad van Beroep vond geen aanleiding om het oordeel van de rechtbank te wijzigen. De medische grondslag werd als zorgvuldig beoordeeld en de aanvullende medische stukken boden geen nieuwe inzichten die tot een andere beoordeling leidden.
De Raad bevestigde daarom het bestreden besluit en de aangevallen uitspraak, en zag geen reden tot proceskostenveroordeling.
Uitkomst: De Centrale Raad van Beroep bevestigt de ongewijzigde voortzetting van de WAO-uitkering wegens voldoende medische en arbeidskundige grondslag.