ECLI:NL:CRVB:2010:BO9346
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- C.P.M. van de Kerkhof
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek om herziening van een eerdere uitspraak inzake WAO
In deze zaak heeft de Centrale Raad van Beroep op 29 december 2010 uitspraak gedaan op een verzoek om herziening van een eerdere uitspraak. Verzoeker, vertegenwoordigd door mr. W. C. de Jonge, had verzocht om herziening van de uitspraak van de Raad van 6 november 2009, waarin de uitspraak van de rechtbank Rotterdam werd bevestigd. Het verzoek om herziening was gebaseerd op de stelling dat het medisch onderzoek door de verzekeringsartsen van het Uwv niet volledig was en dat hierdoor nieuwe feiten en omstandigheden niet konden worden aangevoerd.
De Raad overweegt dat herziening slechts mogelijk is op basis van nieuwe feiten of omstandigheden zoals bedoeld in artikel 8:88 van de Algemene wet bestuursrecht. De Raad stelt vast dat verzoeker geen nieuwe feiten of omstandigheden heeft aangedragen die aan de voorwaarden voor herziening voldoen. De argumenten van verzoeker, waaronder de vermeende onvolledigheid van het medisch onderzoek, zijn niet voldoende om het verzoek te onderbouwen. De Raad benadrukt dat een hernieuwde discussie over de zaak en de juistheid van de eerdere uitspraak niet aan de orde kan komen in het kader van een herzieningsverzoek.
Uiteindelijk wijst de Centrale Raad van Beroep het verzoek om herziening af, omdat er geen termen aanwezig zijn om tot herziening over te gaan. De uitspraak is gedaan door C.P.M. van de Kerkhof, in tegenwoordigheid van A.L. de Gier als griffier, en is openbaar uitgesproken op dezelfde datum.