Vrijdag webinar: live demo van Lexboost

ECLI:NL:CRVB:2010:BP0472

Centrale Raad van Beroep

Datum uitspraak
28 december 2010
Publicatiedatum
5 april 2013
Zaaknummer
08/6351 WAO + 09/5815 WAO
Instantie
Centrale Raad van Beroep
Type
Uitspraak
Uitkomst
Niet-ontvankelijk
Procedures
  • Hoger beroep
Rechters
  • R.C. Schoemaker
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 8:75 Awb
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Hoger beroep niet-ontvankelijk verklaard wegens gebrek aan belang na nieuw besluit UWV

Appellant heeft hoger beroep ingesteld tegen een uitspraak van de rechtbank 's-Hertogenbosch inzake een zaak tegen het UWV. Het UWV heeft vervolgens een nieuw besluit op bezwaar genomen dat volledig tegemoetkomt aan de vordering van appellant in het hoger beroep. Hierdoor bestaat er geen geschil meer tussen partijen over de aangevallen uitspraak.

Gezien het ontbreken van een belang bij appellant om het hoger beroep voort te zetten, heeft de Centrale Raad van Beroep het hoger beroep niet-ontvankelijk verklaard. Tevens is het UWV veroordeeld tot betaling van de proceskosten van appellant en tot vergoeding van het betaalde griffierecht.

De uitspraak is gedaan door R.C. Schoemaker, in aanwezigheid van griffier C. de Blaeij, en uitgesproken in het openbaar op 28 december 2010.

Uitkomst: Het hoger beroep wordt niet-ontvankelijk verklaard omdat het UWV met een nieuw besluit volledig tegemoet is gekomen aan de vordering van appellant.

Uitspraak

08/6351 WAO
09/5815 WAO
Centrale Raad van Beroep
Enkelvoudige kamer
U I T S P R A A K
op het hoger beroep van:
[Appellant], wonende te [woonplaats] (hierna: appellant),
tegen de uitspraak van de rechtbank ‘s-Hertogenbosch van 12 september 2008 , 07/3281 en 08/633 (hierna: aangevallen uitspraak),
in het geding tussen
appellant
en
de Raad van bestuur van het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen (hierna: Uwv)
Datum uitspraak: 28 december 2010
I. PROCESVERLOOP
Namens appellant heeft mr. N.A.P. Heesterbeek, advocaat te Helmond, hoger beroep ingesteld tegen de aangevallen uitspraak.
Het Uwv heeft een verweerschrift ingediend.
Ter uitvoering van de aangevallen uitspraak heeft het Uwv een nieuw besluit op bezwaar van 9 oktober 2009 genomen.
Bij brief van 29 oktober 2009 heeft het Uwv aan de Raad een op 29 oktober 2009 gedateerde gewijzigde beslissing op bezwaar doen toekomen.
Partijen hebben desgevraagd toestemming verleend behandeling ter zitting achterwege te laten.
II. OVERWEGINGEN
Bij besluit van 29 oktober 2009 heeft het Uwv opnieuw en finaal op het bezwaar van appellant beslist. Dit besluit komt geheel tegemoet aan het in (hoger)beroep gevorderde. Tussen partijen bestaat gezien de inhoud van dit besluit geen geschil meer. Derhalve heeft appellant geen belang meer bij een oordeel van de Raad over de aangevallen uitspraak. Het hoger beroep zal dan ook niet-ontvankelijk worden verklaard.
De Raad ziet aanleiding om met toepassing van artikel 8:75 van Pro de Algemene wet bestuursrecht het Uwv te veroordelen in de proceskosten van appellant tot een bedrag van € 322,- voor kosten van verleende rechtsbijstand in hoger beroep.
III. BESLISSING
De Centrale Raad van Beroep;
Recht doende:
Verklaart het hoger beroep niet-ontvankelijk;
Veroordeelt de Raad van bestuur van het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen in de proceskosten van appellant tot een bedrag van € 322,-;
Bepaalt dat het Uwv het door appellant betaalde griffierecht van € 107,- vergoedt.
Deze uitspraak is gedaan door R.C. Schoemaker, in tegenwoordigheid van C. de Blaeij als griffier. De beslissing is uitgesproken in het openbaar op 28 december 2010.
(get.) R.C. Schoemaker.
(get.) C. de Blaeij.
RB