ECLI:NL:CRVB:2011:BP3508

Centrale Raad van Beroep

Datum uitspraak
27 januari 2011
Publicatiedatum
5 april 2013
Zaaknummer
09-6307 WW-R
Type
Uitspraak
Uitkomst
Overig
Procedures
  • Hoger beroep
Rechters
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Verwijzingen
1 uitgaand
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Rectificatie van uitspraak over werkbriefjes en sollicitatieverplichting

De Centrale Raad van Beroep heeft op 27 januari 2011 een rectificatie uitgesproken van haar eerdere uitspraak van 3 november 2010 (zaaknummer 09/6307 WW). De rectificatie betreft een kennelijke onjuistheid in de overwegingen met betrekking tot de betekenis van werkbriefjes in het kader van de sollicitatieverplichting van appellant.

De oorspronkelijke uitspraak stelde dat werkbriefjes niet vereenzelvigd konden worden met de sollicitatieverplichting of de verslagleggingsplicht daarover. De Raad heeft dit aangepast door te stellen dat werkbriefjes niet alleen in relatie staan tot de verslagleggingsplicht, maar ook andere gegevens bevatten die verschaft moeten worden.

Partijen hebben de gelegenheid gekregen zich schriftelijk uit te laten over de rectificatie, maar hebben hiervan geen gebruik gemaakt. De rectificatie is vastgelegd in een gerectificeerd exemplaar van de oorspronkelijke uitspraak, dat op rechtspraak.nl zal worden gepubliceerd en het oorspronkelijke vonnis zal vervangen.

De beslissing is genomen door de meervoudige kamer van de Centrale Raad van Beroep, waarbij T. Hoogenboom voorzitter was, en H. Bolt en M. Greebe leden. De uitspraak is in het openbaar gedaan in aanwezigheid van griffier P. Boer.

Uitkomst: De Centrale Raad van Beroep rectificeert haar uitspraak van 3 november 2010 door een tekstuele correctie over de betekenis van werkbriefjes.

Uitspraak

09/6307 WW-R
Centrale Raad van Beroep
Meervoudige kamer
U I T S P R A A K
tot rectificatie van de uitspraak van de Raad van 3 november 2010, 09/6307 WW, in het geding tussen:
[Appellant], wonende te [woonplaats] (hierna: appellant),
en
de Raad van bestuur van het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen (hierna: Uwv).
Datum uitspraak: 27 januari 2011
I. PROCESVERLOOP
De Raad heeft vastgesteld dat zijn uitspraak van 3 november 2010 een kennelijke onjuistheid in de overwegingen bevat.
De Raad heeft daarin aanleiding gezien partijen in de gelegenheid te stellen zich schriftelijk uit te laten over rectificatie van de uitspraak.Van die gelegenheid hebben partijen geen gebruik gemaakt.
II. OVERWEGINGEN
De Raad heeft vastgesteld dat de laatste volzin aan het einde van pagina 4 en het begin van pagina 5 van de uitspraak van 3 november 2010 een kennelijke onjuistheid bevat.
De laatste volzin aan het einde van pagina 4 en begin van pagina 5 luidt thans:
“Tot slot merkt de Raad op dat de werkbriefjes niet vereenzelvigd kunnen worden met de sollicitatieverplichting, tot het naleven waarvan appellant gesteld heeft niet gebonden te zijn, dan wel de verplichting om van de verrichte sollicitatie-activiteiten verslag te doen, omdat met behulp van de werkbriefjes ook andere gegevens moeten worden verschaft.”
Deze volzin dient te worden gewijzigd in:
“Tot slot merkt de Raad op dat de werkbriefjes niet alleen maar kunnen worden gezien in een relatie tot de verplichting om van de verrichte sollicitatie-activeiten verslag te doen, tot het naleven waarvan appellant heeft gesteld niet middels werkbriefjes gehouden te zijn. Met behulp van de werkbriefjes moeten immers ook andere gegevens worden verschaft.”
De hiervoor weergegeven wijziging wordt in een gerectificeerd exemplaar van de oorspronkelijke uitspraak hersteld.
Aan deze uitspraak tot rectificatie is een gerectificeerd exemplaar van de oorspronkelijke uitspraak gehecht. De gerectificeerde uitspraak zal worden gepubliceerd op rechtspraak.nl en de oorspronkelijke uitspraak zal daaruit worden verwijderd. Het LJN-nummer van de gerectificeerde uitspraak zal gelijk zijn aan dat van de oorspronkelijke uitspraak.
III. BESLISSING
De Centrale Raad van Beroep;
Recht doende:
Rectificeert zijn uitspraak van 3 november 2010, 09/6307 WW, als onder II is weergegeven.
Deze uitspraak is gedaan door T. Hoogenboom als voorzitter en H. Bolt en M. Greebe als leden. De beslissing is, in tegenwoordigheid van P. Boer als griffier, uitgesproken in het openbaar op 27 januari 2011.
(get.) T. Hoogenboom.
(get.) P. Boer.
JL