ECLI:NL:CRVB:2011:BP4846

Centrale Raad van Beroep

Datum uitspraak
16 februari 2011
Publicatiedatum
5 april 2013
Zaaknummer
10-235 WAO
Type
Uitspraak
Uitkomst
Overig
Procedures
  • Hoger beroep
Rechters
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Verwijzingen
1 uitgaand
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Bevestiging niet-ontvankelijkheid bezwaar wegens te late adreswijziging bij UWV

Appellant verzocht om herziening van een besluit van het UWV van 15 juli 2008. Het UWV verklaarde het bezwaar van appellant tegen dit besluit bij besluit van 28 april 2009 kennelijk niet-ontvankelijk omdat appellant naliet binnen de gestelde termijn zijn bezwaargronden kenbaar te maken.

De rechtbank verklaarde het beroep van appellant tegen deze niet-ontvankelijkverklaring ongegrond. Appellant stelde in hoger beroep dat hij recht zou hebben op een uitkering wegens volledige arbeidsongeschiktheid.

De Centrale Raad van Beroep oordeelde dat appellant het UWV pas na het verstrijken van de termijn voor het indienen van bezwaargronden had geïnformeerd over een adreswijziging. Hierdoor was het niet mogelijk voor appellant om tijdig bezwaargronden in te dienen. Het verwijt aan het UWV dat post naar een verkeerd postbusnummer was gestuurd, werd verworpen omdat het UWV post had gestuurd naar het door appellant opgegeven adres.

Het hoger beroep werd verworpen en de aangevallen uitspraak van de rechtbank bevestigd. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.

Uitkomst: Het bezwaar van appellant is terecht niet-ontvankelijk verklaard wegens te late kennisgeving van adreswijziging.

Uitspraak

10/235 WAO
Centrale Raad van Beroep
Enkelvoudige kamer
U I T S P R A A K
op het hoger beroep van:
[Appellant], wonende te [woonplaats], Marokko (hierna: appellant),
tegen de uitspraak van de rechtbank Amsterdam van 9 december 2009, 09/2516 (hierna: aangevallen uitspraak),
in het geding tussen:
appellant
en
de Raad van bestuur van het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen (hierna: Uwv).
Datum uitspraak: 16 februari 2011
I. PROCESVERLOOP
Appellant heeft hoger beroep ingesteld.
Het Uwv heeft een verweerschrift ingediend.
Het onderzoek ter zitting heeft plaatsgevonden op 5 januari 2011. Appellant is niet verschenen. Het Uwv heeft zich laten vertegenwoordigen door A. Anandbahadoer.
II. OVERWEGINGEN
1. Appellant heeft verzocht om herziening van een in een brief van het Uwv van 3 oktober 2003 neergelegd standpunt, op welk verzoek het Uwv bij besluit van 15 juli 2008 heeft beslist. Bij besluit van 28 april 2009 (bestreden besluit) heeft het Uwv het bezwaar van appellant tegen het besluit van 15 juli 2008 kennelijk niet-ontvankelijk verklaard.
2. De rechtbank heeft bij de aangevallen uitspraak het beroep van appellant tegen het besluit van 28 april 2009 ongegrond verklaard.
3. Appellant heeft in hoger beroep verzocht het door hem bestreden besluit te vernietigen. Zijn beroepsgronden komen erop neer dat hij in aanmerking zou moeten komen voor een uitkering in verband met zijn volledige arbeidsongeschiktheid.
4. De Raad komt tot de volgende beoordeling.
4.1. In dit geding dient de vraag te worden beantwoord of de rechtbank kan worden gevolgd in haar oordeel dat het Uwv het bezwaar van appellant terecht niet-ontvankelijk heeft verklaard omdat hij naliet om binnen de daartoe door het Uwv gestelde termijn de gronden van zijn bezwaar kenbaar te maken. De Raad beantwoordt deze vraag bevestigend.
4.2. Appellant heeft het Uwv eerst na afloop van de hem gestelde en ongebruikt verstreken termijn voor het indienen van de bezwaargronden in kennis gesteld van een wijziging van zijn postadres. Zijn verwijt aan het Uwv dat voorafgaande aan deze kennisgeving post is gezonden naar een verkeerd postbusnummer treft geen doel. Het was aan appellant om het Uwv tijdig omtrent een adreswijziging te informeren. Het Uwv heeft de brieven, waarbij appellant erop werd gewezen dat zijn bezwaarschrift niet voldeed aan de wettelijke eisen en hem gelegenheid werd geboden om bezwaargronden in te dienen, gezonden naar het postbusnummer dat appellant in zijn bezwaarschrift heeft vermeld en dat gelijk is aan het postbusnummer dat het Uwv gebruikte bij adressering van het besluit van 15 juli 2008 waartegen het bezwaar van appellant zich richtte.
4.3. Het hoger beroep slaagt niet.
5. Voor een proceskostenveroordeling is geen aanleiding.
III. BESLISSING
De Centrale Raad van Beroep,
Recht doende:
Bevestigt de aangevallen uitspraak.
Deze uitspraak is gedaan door M. Greebe in tegenwoordigheid van M.D.F. de Moor als griffier, uitgesproken in het openbaar op 16 februari 2011.
(get) M. Greebe.
(get) M.D.F. de Moor.
NK