ECLI:NL:CRVB:2011:BP5603
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- D.J. van der Vos
- Rechtspraak.nl
Bevestiging intrekking WAO-uitkering wegens onvoldoende arbeidsongeschiktheid
Appellant maakte bezwaar tegen het besluit van het UWV om zijn WAO-uitkering per 7 januari 2009 in te trekken wegens een arbeidsongeschiktheid van minder dan 15%. De rechtbank verklaarde het beroep ongegrond, waarna appellant hoger beroep instelde bij de Centrale Raad van Beroep.
De Raad beoordeelde de medische en arbeidskundige rapporten, waaronder die van de verzekeringsarts en de bezwaararbeidsdeskundige. Uit het medisch onderzoek bleek dat appellant beperkingen heeft ten aanzien van psychische druk en conflicthantering, maar dat passend werk mogelijk is mits gestructureerd en zonder leidinggevende taken. De arbeidskundige beoordeling en de Functionele Mogelijkheden Lijst (FML) werden door de Raad en rechtbank als voldoende gemotiveerd en onderbouwd beschouwd.
Appellant voerde aan dat zijn psychische en energetische beperkingen en medicijngebruik onvoldoende waren meegewogen, en dat de geduide functies zijn belastbaarheid overschrijden. De Raad vond echter geen aanleiding een deskundigenonderzoek te gelasten en onderschreef het oordeel dat appellant medisch en arbeidskundig in staat is de geduide functies te vervullen. Het hoger beroep werd afgewezen en de intrekking van de WAO-uitkering bevestigd.
Uitkomst: De intrekking van de WAO-uitkering wordt bevestigd omdat appellant medisch en arbeidskundig in staat wordt geacht passende functies te vervullen.