ECLI:NL:CRVB:2011:BP6920
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- R.C. Stam
- C.P.M. van de Kerkhof
- N.J.E.G. Cremers
- Rechtspraak.nl
Bevestiging weigering herziening WAO-uitkering wegens andere oorzaak toegenomen arbeidsongeschiktheid
Appellant, voorheen produktiemedewerker, ontving sinds 2004 een WAO-uitkering wegens hoge bloeddruk, diabetes en psychische problematiek. In 2007 meldde hij zich toegenomen arbeidsongeschikt door hartklachten waarvoor een stent werd geplaatst. Het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen (Uwv) weigerde de uitkering te herzien omdat de toename voortkwam uit een andere oorzaak.
In bezwaar en beroep voerde appellant aan dat de hartklachten voortkwamen uit dezelfde ziekteoorzaak als de oorspronkelijke klachten. Medische deskundigen en de rechtbank oordeelden echter dat de hart/vaatlijden niet dezelfde oorzaak was als de eerdere aandoeningen. De wetgever had met artikel 39a WAO beoogd een verkorte wachttijd toe te passen bij toename van arbeidsongeschiktheid uit dezelfde oorzaak.
De Centrale Raad van Beroep onderschreef de overwegingen van de rechtbank en concludeerde dat de toegenomen arbeidsongeschiktheid niet uit dezelfde oorzaak voortkomt. Het hoger beroep werd ongegrond verklaard en de weigering tot herziening bevestigd.
Uitkomst: De Centrale Raad van Beroep bevestigt de weigering tot herziening van de WAO-uitkering omdat de toegenomen arbeidsongeschiktheid het gevolg is van een andere oorzaak.