ECLI:NL:CRVB:2011:BP7720
Centrale Raad van Beroep
- Herziening
- N.J. van Vulpen-Grootjans
- Rechtspraak.nl
Ongegrondverklaring van verzet tegen niet-ontvankelijkheid herzieningsverzoeken wegens niet-betaling griffierecht
Verzoeker heeft bij de Centrale Raad van Beroep verzet aangetekend tegen de niet-ontvankelijkverklaring van zijn verzoeken om herziening van eerdere uitspraken. De Raad stelde vast dat het griffierecht voor de herzieningsverzoeken niet binnen de gestelde termijn was betaald, waardoor verzoeker in verzuim was.
Verzoeker voerde aan dat het niet aan hem was het griffierecht te betalen, omdat de oorspronkelijke uitspraken waren gebaseerd op onvolledige informatie en de Raad onvoldoende bewijs had opgevraagd. De Raad oordeelde echter dat deze argumenten geen grond boden om het verzuim te doorbreken.
Daarom werden de verzoeken om herziening terecht niet-ontvankelijk verklaard en het verzet tegen deze niet-ontvankelijkverklaring ongegrond verklaard. De Raad zag geen aanleiding om verzoeker te veroordelen in de kosten van het verzet.
Uitkomst: Het verzet tegen de niet-ontvankelijkverklaring van de herzieningsverzoeken wordt ongegrond verklaard.