ECLI:NL:CRVB:2011:BP7965
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- D.J. van der Vos
- Rechtspraak.nl
Bevestiging weigering WIA-uitkering wegens minder dan 35% arbeidsongeschiktheid
Appellant, voormalig schoonmaker op Schiphol, meldde zich ziek wegens psychische klachten en verzocht om een WIA-uitkering. Het UWV stelde vast dat zijn arbeidsongeschiktheid minder dan 35% bedraagt, omdat hij geschikt is voor vergelijkbare schoonmaakwerkzaamheden en andere geselecteerde functies. Het bezwaar van appellant werd ongegrond verklaard en de rechtbank bevestigde dit oordeel.
In hoger beroep voerde appellant aan dat zijn beperkingen onderschat waren, met name door overschrijding van tilbelasting en lawaai in functies, en dat de berekening van het maatmaninkomen onjuist was. Medische en arbeidskundige rapporten, inclusief neuropsychologisch onderzoek, gaven echter geen aanleiding tot herziening. De Raad concludeerde dat de medische en arbeidskundige beoordeling zorgvuldig en juist was uitgevoerd.
De Raad oordeelde dat appellant geschikt is voor de maatmanarbeid en dat de functies waarop de schatting is gebaseerd passend zijn. De berekening van het maatmaninkomen en de geschiktheid voor andere functies behoefden geen nadere bespreking, omdat de geschiktheid voor de maatmanarbeid voldoende is. Het hoger beroep werd ongegrond verklaard en het verzoek om schadevergoeding afgewezen.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en het bestreden besluit tot weigering van de WIA-uitkering wordt bevestigd.