ECLI:NL:CRVB:2011:BQ0429
Centrale Raad van Beroep
- Voorlopige voorziening
- H.A.A.G. Vermeulen
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek voorlopige voorziening bij disciplinair ontslag wegens plichtsverzuim
Betrokkene is op 19 maart 2009 disciplinair ontslagen wegens plichtsverzuim, primair op grond van ongeoorloofde afwezigheid. Het bezwaar van betrokkene tegen dit ontslag is ongegrond verklaard, maar de rechtbank heeft het besluit vernietigd wegens onvoldoende onderzoek naar het verzuim en heeft de Minister opgedragen een nieuw besluit te nemen.
De Minister (verzoeker) stelde een voorlopige voorziening voor schorsing van de uitspraak van de rechtbank in, omdat hij de terugkeer van betrokkene in dienst onwenselijk achtte en verwachtte dat de uitspraak in de bodemprocedure niet stand zou houden.
De voorzieningenrechter oordeelde echter dat het spoedeisend belang ontbrak, omdat het ontslagbesluit van 19 maart 2009 niet geschorst is door het bezwaar en de Minister een nieuwe beslissing moet nemen met inachtneming van de rechtbankuitspraak. De overweging van de rechtbank dat het ontslag mogelijk niet evenredig is, heeft geen bindende werking.
Daarom werd het verzoek om voorlopige voorziening afgewezen en de Minister veroordeeld in de proceskosten van betrokkene.
Uitkomst: Het verzoek om voorlopige voorziening wordt afgewezen wegens gebrek aan spoedeisend belang.