ECLI:NL:CRVB:2011:BQ6482
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging afwijzing hoog persoonlijk kilometerbudget wegens onvoldoende medische gronden
Appellante, bekend met infantiele encephalopathie en andere beperkingen, vroeg op 27 april 2007 bij Argonaut een hoog persoonlijk kilometerbudget (pkb) aan. Na een indicatieonderzoek concludeerde Argonaut dat zij met vertrouwde begeleiding in staat is om met de trein te reizen. De aanvraag werd daarom op 29 augustus 2007 afgewezen en het bezwaar ongegrond verklaard op 27 november 2007.
De rechtbank Utrecht verklaarde het beroep tegen deze beslissing ongegrond, stellende dat appellante met begeleiding moet kunnen reizen en dat het Protocol inzake de afhandeling van indicatieaanvragen hoog pkb niet onredelijk is toegepast. Appellante voerde in hoger beroep aan dat onvoldoende rekening is gehouden met haar psychische beperkingen en dat de motivering onvoldoende is.
De Raad oordeelt dat de toekenningscriteria binnen redelijke beleidsruimte liggen en dat op basis van de medische stukken niet aannemelijk is dat appellante op medische gronden niet met de trein kan reizen. Hoewel appellante stelt dat het reizen psychisch belastend is, ontbreekt een medische onderbouwing daarvan. Daarom wordt het hoger beroep verworpen en de eerdere uitspraak bevestigd.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt afgewezen en de afwijzing van het hoog persoonlijk kilometerbudget wordt bevestigd.