ECLI:NL:CRVB:2011:BQ7746
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- J.W. Schuttel
- Rechtspraak.nl
Bevestiging intrekking Wajong-uitkering wegens minder dan 25% arbeidsongeschiktheid
Appellante maakte bezwaar tegen het besluit van het UWV om haar Wajong-uitkering in te trekken wegens een arbeidsongeschiktheid van minder dan 25%. De rechtbank verklaarde het beroep ongegrond en onderschreef zowel de medische als arbeidskundige onderbouwing van het besluit.
In hoger beroep handhaafde appellante haar bezwaren, met name over de ernst van haar psychische klachten en de haalbaarheid van bepaalde functies. De Raad stelde vast dat appellante deze bezwaren niet met aanvullende medische gegevens had onderbouwd.
De Raad volgde de rechtbank in de motivering dat de belastbaarheid van appellante juist was ingeschat en dat de functies die als passend werden beschouwd haalbaar zijn. Ook het argument over het tillen van dertig kilo in een specifieke functie leidde niet tot een ander oordeel, omdat voldoende andere passende functies beschikbaar zijn.
De Raad concludeert dat het hoger beroep niet slaagt en bevestigt de uitspraak van de rechtbank. Er is geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling.
Uitkomst: De Centrale Raad van Beroep bevestigt de intrekking van de Wajong-uitkering wegens minder dan 25% arbeidsongeschiktheid.