ECLI:NL:CRVB:2011:BQ9531
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- H.J. Simon
- Rechtspraak.nl
Weigering van AOW-uitkering op basis van tijdige aanmelding voor vrijwillige verzekering
In deze zaak heeft de Centrale Raad van Beroep op 24 juni 2011 uitspraak gedaan in het hoger beroep van appellante, die de Marokkaanse nationaliteit bezit en in Marokko woont. Appellante had eerder een beroep ingesteld tegen een besluit van de Sociale verzekeringsbank (Svb) dat haar niet toeliet tot de vrijwillige verzekering voor de Algemene Ouderdomswet (AOW). De Svb had in een besluit van 20 november 2008 geweigerd om appellante toe te laten tot deze verzekering, omdat zij zich niet tijdig had aangemeld. Dit besluit was eerder door de rechtbank Amsterdam ongegrond verklaard, wat appellante ertoe bracht om in hoger beroep te gaan.
De Centrale Raad van Beroep heeft in zijn overwegingen de feiten en omstandigheden van de zaak opnieuw bekeken. Appellante stelde dat haar echtgenoot vóór 1 oktober 2006 een kantoor van de Svb had bezocht om haar aan te melden voor de vrijwillige verzekering. Echter, de Raad oordeelde dat appellante er niet in was geslaagd om aannemelijk te maken dat zij tijdig was aangemeld. De Raad onderschreef de overwegingen van de rechtbank en bevestigde de eerdere uitspraak.
De uitspraak benadrukt het belang van tijdige aanmelding voor de vrijwillige verzekering voor de AOW en de gevolgen van het niet kunnen aantonen van deze aanmelding. De Raad concludeerde dat er geen termen aanwezig waren voor een proceskostenveroordeling, en bevestigde de aangevallen uitspraak van de rechtbank. De uitspraak werd gedaan door H.J. Simon, in tegenwoordigheid van N.S.A. El Hana als griffier, en werd openbaar uitgesproken op dezelfde datum.