ECLI:NL:CRVB:2011:BQ9533
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- H.J. Simon
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek tot terugwerkende toelating vrijwillige AOW-verzekering na remigratie
Appellant, geboren in 1941, woonde en werkte vanaf 1965 in Nederland en remigreerde eind 1983 naar Marokko. Hij ontving een gedeeltelijke arbeidsongeschiktheidsuitkering en kreeg in 2006 een AOW-uitkering met een korting wegens niet-verzekerde jaren.
In november 2008 verzocht appellant om met terugwerkende kracht te worden toegelaten tot de vrijwillige AOW-verzekering. Dit verzoek werd afgewezen omdat de aanvraag niet binnen de wettelijke termijn van één jaar na het einde van de verplichte verzekering was ingediend. Appellant voerde aan dat de Sociale verzekeringsbank (Svb) hem niet had geïnformeerd over deze mogelijkheid.
De rechtbank verklaarde het beroep ongegrond en de Centrale Raad van Beroep bevestigde dit oordeel. De Raad oordeelde dat onbekendheid met de wet en het ontbreken van actieve informatie van de Svb geen bijzondere omstandigheden vormen die de overschrijding van de aanmeldtermijn rechtvaardigen. Het lag op de weg van appellant zelf om zijn pensioenopbouw na remigratie te bewaken en tijdig een vrijwillige verzekering aan te gaan.
De Raad zag geen gronden voor een proceskostenveroordeling en bevestigde de eerdere uitspraak, waarmee het hoger beroep van appellant werd afgewezen.
Uitkomst: Het hoger beroep van appellant wordt afgewezen en de afwijzing van het verzoek tot terugwerkende toelating tot de vrijwillige AOW-verzekering wordt bevestigd.