ECLI:NL:CRVB:2011:BR2755
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging weigering verdere ziekengelduitkering na zorgvuldig medisch onderzoek
Appellant, voormalig ICT-er, viel op 1 juli 2008 uit wegens nek-, arm- en rugklachten en vroeg om een ziekengelduitkering. Het UWV weigerde verdere uitkering per 23 maart 2009 na medisch onderzoek door bedrijfsarts Wildenborg en bezwaarverzekeringsarts Blanker, die beperkingen vaststelden maar appellant als hersteld beschouwden.
De rechtbank verklaarde het beroep van appellant ongegrond, omdat geen medische gegevens waren die de beoordelingen van de verzekeringsartsen ondermijnden. In hoger beroep bracht appellant nieuwe medische stukken in, waaronder een MRI uit 2011 waaruit een hernia bleek, en een medisch arbeidskundig advies.
De Raad oordeelde dat het onderzoek voldoende zorgvuldig was en dat de nieuwe medische gegevens geen bewijs leverden dat appellant op 23 maart 2009 verdergaande beperkingen had dan eerder vastgesteld. De rugklachten waren toen onvoldoende medisch onderbouwd als zodanig ernstig dat werkhervatting onmogelijk was.
Daarom werd het hoger beroep verworpen en de eerdere uitspraak bevestigd. De Raad zag geen reden om toepassing te geven aan artikel 8:75 Awb Pro betreffende kostenveroordeling.
Uitkomst: De Centrale Raad van Beroep bevestigt de weigering van verdere ziekengelduitkering omdat het medisch onderzoek voldoende zorgvuldig was en geen zwaardere beperkingen zijn vastgesteld.