ECLI:NL:CRVB:2011:BR5272
Centrale Raad van Beroep
- Herziening
- J. Riphagen
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek om herziening bestuursrechtelijke uitspraak wegens ontbreken nieuw feit of omstandigheid
Verzoeker heeft verzocht om herziening van een eerdere uitspraak van de Centrale Raad van Beroep uit 2009, stellende dat hij jarenlang door een onbevoegde gemachtigde is vertegenwoordigd. Hij heeft een klacht ingediend bij de Deken der orde van advocaten over deze onbevoegde vertegenwoordiging.
De Raad overweegt dat het verzoek om herziening ingevolge artikel 8:88 Awb Pro alleen kan worden toegekend indien sprake is van nieuwe feiten of omstandigheden die voor de Raad niet bekend waren en die tot een andere uitspraak zouden kunnen leiden. De vraag of iemand bevoegd is geweest om te vertegenwoordigen valt hier niet onder en is voor eigen risico van verzoeker.
Verder wijst de Raad erop dat het herzieningsmiddel niet bedoeld is voor een hernieuwde discussie over de zaak of de uitspraak, maar slechts voor nieuwe feiten of omstandigheden. Omdat verzoeker geen nieuwe feiten of omstandigheden heeft aangevoerd, wordt het verzoek afgewezen.
Er wordt geen proceskostenveroordeling opgelegd. De uitspraak is gedaan door J. Riphagen, in aanwezigheid van griffier T. Dolderman, en in het openbaar uitgesproken op 17 augustus 2011.
Uitkomst: Het verzoek om herziening wordt afgewezen wegens ontbreken van nieuwe feiten of omstandigheden.