ECLI:NL:CRVB:2011:BR5737
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Ch. van Voorst
- Rechtspraak.nl
Bevestiging weigering ZW-uitkering wegens herstel voor eigen werk
Appellante was werkzaam als administratief- en cateringmedewerkster toen zij uitviel wegens maagklachten, later aangevuld met psychische en andere klachten. Het UWV weigerde haar ZW-uitkering per 7 juli 2009, omdat verzekeringsarts Ruijter haar herstel voor het eigen werk vaststelde. Dit besluit werd na bezwaar gehandhaafd door het UWV.
De rechtbank verklaarde het beroep van appellante ongegrond, oordelend dat het medisch onderzoek zorgvuldig was en appellante geen nieuwe medische informatie had aangeleverd die twijfel zou rechtvaardigen over de beoordelingen van de verzekeringsartsen.
De Centrale Raad van Beroep bevestigt dit oordeel. De Raad vindt het medisch onderzoek voldoende zorgvuldig, waarbij ook informatie van de huisarts en psycholoog is betrokken. De aanvullende medische stukken die appellante overlegt, bevatten geen nieuwe gegevens die tot een andere beoordeling leiden.
Daarmee slaagt het hoger beroep niet en blijft de weigering van de ZW-uitkering in stand. De Raad ziet geen reden voor toepassing van artikel 8:75 Awb Pro.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de weigering van de ZW-uitkering bevestigd.