ECLI:NL:CRVB:2011:BS8885
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- T. Hoogenboom
- Rechtspraak.nl
Bevestiging herziening WAO-uitkering wegens onveranderde psychische en rugklachten
Appellant, voormalig productiemedewerker textiel, heeft sinds 1977 een WAO-uitkering wegens psycho-somatische klachten en rugklachten. In 2009 verzocht hij om herziening van zijn arbeidsongeschiktheidspercentage vanwege vermeende toename van longklachten. Het UWV weigerde herziening na medisch en arbeidskundig onderzoek, waarbij werd vastgesteld dat de oorspronkelijke klachten niet in ernst waren toegenomen.
De rechtbank verklaarde het beroep van appellant ongegrond en oordeelde dat de beperkingen passend waren binnen de vastgestelde Functionele Mogelijkheden Lijst (FMLI). Appellant voerde in hoger beroep aan dat de rugklachten onvoldoende waren meegewogen en vroeg om benoeming van een deskundige.
De Raad overwoog dat de beperkingen voortvloeiend uit psychische en rugklachten niet waren toegenomen en dat er geen medische stukken waren die dit tegenspraken. De geschiktheid voor de geselecteerde functies was adequaat gemotiveerd en appellant had onvoldoende onderbouwd waarom de functiebelasting zijn belastbaarheid zou overschrijden.
De Raad zag geen reden tot benoeming van een onafhankelijke deskundige en bevestigde de uitspraak van de rechtbank, waarmee het bezwaar tegen het besluit van het UWV ongegrond bleef.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de herziening van de WAO-uitkering blijft gehandhaafd.