ECLI:NL:CRVB:2011:BT1741
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- T. Hoogenboom
- Rechtspraak.nl
Proceskostenveroordeling na intrekking hoger beroep in socialezekerheidszaak
In deze zaak heeft het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen (appellant) hoger beroep ingesteld tegen een uitspraak van de rechtbank Haarlem in een WAO-procedure. Vervolgens heeft appellant het hoger beroep ingetrokken. Betrokkene heeft daarop een verzoek ingediend om appellant te veroordelen tot vergoeding van de proceskosten die betrokkene in verband met het hoger beroep redelijkerwijs heeft moeten maken.
De Centrale Raad van Beroep overweegt dat op grond van artikel 21a van de Beroepswet het bestuursorgaan bij intrekking van het hoger beroep op verzoek van een partij kan worden veroordeeld in de proceskosten. De Raad stelt vast dat appellant het hoger beroep heeft ingetrokken en dat het verzoek om proceskostenvergoeding gegrond is.
De Raad beoordeelt de proceskosten en begroot deze op in totaal € 766,-, bestaande uit kosten voor verleende rechtsbijstand en redelijkerwijs gemaakte kosten voor het inschakelen van een psychiater en een psycholoog. De Raad wijst de proceskostenveroordeling toe en sluit het onderzoek zonder zitting af.
Uitkomst: Het bestuursorgaan wordt veroordeeld tot betaling van € 766,- aan proceskosten aan betrokkene na intrekking van het hoger beroep.