ECLI:NL:CRVB:2011:BT2427
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Ch. van Voorst
- Rechtspraak.nl
Bevestiging weigering ziekengeld op grond van juiste medische en arbeidskundige beoordeling
Appellant, die eerder een WAO-uitkering ontving, werd per 11 februari 2009 door het UWV geen recht meer toegekend op ziekengeld. Dit besluit was gebaseerd op verzekeringsgeneeskundig onderzoek waaruit bleek dat appellant geschikt was voor de functie van sorteerder. Appellant betwistte deze beoordeling en bracht aanvullende medische stukken in, waaronder rapportages van huisarts en psycholoog, en een WSW-indicatie.
De rechtbank verklaarde het beroep tegen het besluit ongegrond en de Centrale Raad van Beroep bevestigt dit oordeel. De Raad acht de medische en arbeidskundige beoordeling van de bezwaarverzekeringsartsen juist en ziet geen relevante toename van beperkingen. De Raad wijst erop dat het WSW-traject een ander doel en wettelijk kader heeft, waardoor de WSW-indicatie niet doorslaggevend is voor de Ziektewet-beoordeling.
Ook de aanvullende medische informatie, waaronder oogklachten die pas na de datum van het besluit ontstonden, leidt niet tot een ander oordeel. De Raad ziet geen aanleiding tot benoeming van een deskundige. Het hoger beroep wordt verworpen en de aangevallen uitspraak bevestigd.
Uitkomst: De Centrale Raad van Beroep bevestigt de weigering van ziekengeld aan appellant wegens juiste medische en arbeidskundige beoordeling.