ECLI:NL:CRVB:2011:BU1367
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Beëindiging Ziektewetuitkering wegens geschiktheid voor schoonmaakwerk treinstellen
Appellant meldde zich arbeidsongeschikt wegens pijn- en gewrichtsklachten en ontving een Ziektewetuitkering. Het UWV beëindigde deze uitkering per 30 juli 2009, omdat appellant volgens een herbeoordeling door een bezwaarverzekeringsarts geschikt werd bevonden voor zijn arbeid als schoonmaker van treinstellen.
Appellant maakte bezwaar tegen dit besluit, maar dit werd ongegrond verklaard. De rechtbank bevestigde dit oordeel na een zorgvuldig medisch onderzoek, waarbij ook informatie van een reumatoloog werd betrokken. De bezwaarverzekeringsarts weerlegde gemotiveerd de stelling van appellant dat hij niet in staat zou zijn tot zijn werk.
In hoger beroep herhaalde appellant zijn standpunt zonder nieuwe medische gegevens te overleggen. De Raad oordeelde dat de rechtbank het bezwaar terecht had verworpen en bevestigde de uitspraak. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt afgewezen en de beëindiging van de Ziektewetuitkering wordt bevestigd.