ECLI:NL:CRVB:2011:BU5106
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Herziening en terugvordering kinderbijslag wegens onjuiste inlichtingen woonplaats kind
Appellant maakte bezwaar tegen besluiten van de Sociale verzekeringsbank (Svb) waarin zijn recht op tweevoudige kinderbijslag werd herzien omdat zijn zoons niet als uitwonend studerend werden aangemerkt. De rechtbank verklaarde het beroep ongegrond vanwege schending van de inlichtingenplicht.
In hoger beroep stelde appellant dat zijn zoons wel uitwonend waren en de juiste gegevens waren verstrekt. De Svb wijzigde haar standpunt na onderzoek en handhaafde tweevoudige kinderbijslag voor één zoon, maar handhaafde enkelvoudige kinderbijslag voor de andere zoon die bij de moeder woonde.
De Raad oordeelde dat het onderzoek voldoende aantoonde dat de zoon bij de moeder woonde, waardoor appellant onjuiste inlichtingen had verstrekt. De terugvordering en boete werden gegrond verklaard, omdat geen dringende redenen voor kwijtschelding waren gebleken.
De Raad vernietigde eerdere uitspraken en besluiten en verklaarde het beroep tegen het laatste besluit ongegrond. Tevens werd het betaalde griffierecht aan appellant vergoed.
Uitkomst: Het beroep tegen het besluit tot enkelvoudige kinderbijslag en terugvordering voor één zoon wordt ongegrond verklaard.