ECLI:NL:CRVB:2011:BU8173
Centrale Raad van Beroep
- Voorlopige voorziening
- J.F. Bandringa
- Rechtspraak.nl
Verzoek voorlopige voorziening niet-ontvankelijk wegens ontbreken hoger beroep
Verzoekster stelde hoger beroep in tegen een uitspraak van de rechtbank Middelburg en verzocht vervolgens om toepassing van artikel 8:81 van Pro de Algemene wet bestuursrecht (Awb) voor een voorlopige voorziening. De voorzieningenrechter van de Centrale Raad van Beroep beoordeelde het verzoek.
De Raad stelde vast dat het ingestelde hoger beroep in de bodemprocedure niet-ontvankelijk was verklaard bij uitspraak van 13 december 2011. Hierdoor was niet langer voldaan aan de voorwaarde uit artikel 8:81 Awb Pro dat er een hoger beroep aanhangig moet zijn om een voorlopige voorziening te kunnen treffen.
Op grond hiervan verklaarde de voorzieningenrechter het verzoek om een voorlopige voorziening kennelijk niet-ontvankelijk. Er werd geen aanleiding gezien tot een proceskostenveroordeling. De uitspraak werd op 13 december 2011 in het openbaar gedaan.
Uitkomst: Het verzoek om voorlopige voorziening wordt niet-ontvankelijk verklaard wegens ontbreken van een aanhangig hoger beroep.