ECLI:NL:CRVB:2011:BU9961
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- J. Riphagen
- Rechtspraak.nl
Beperkingen psychische aard vormen geen belemmering voor eigen werk bij intrekking Ziektewetuitkering
Appellant, voorheen werkzaam als facturist/calculator, meldde zich ziek met psychische klachten en ontving een Ziektewetuitkering. Het UWV trok deze uitkering in op basis van medisch onderzoek dat concludeerde dat appellant zijn eigen werk weer kon verrichten. Appellant maakte bezwaar en stelde dat zijn psychische beperkingen werden onderschat, onderbouwd met medische rapporten van psychiaters en psychotherapeuten.
De rechtbank verklaarde het beroep ongegrond en vond het medisch onderzoek zorgvuldig en de conclusies juist. De Centrale Raad van Beroep onderschrijft deze beoordeling en merkt op dat het stellen van een diagnose niet doorslaggevend is voor de vraag of appellant zijn werk kan doen. De Raad concludeert dat de beperkingen, zoals geen werk onder hoge tijdsdruk en geen conflicterende taken, geen overwegende belemmering vormen voor het administratieve en boekhoudkundige werk dat appellant verrichtte.
De Raad ziet geen aanleiding voor nader medisch onderzoek en bevestigt de intrekking van de Ziektewetuitkering. Er is geen veroordeling in proceskosten. De uitspraak is gedaan door J. Riphagen, in aanwezigheid van griffier G.J. van Gendt.
Uitkomst: De intrekking van de Ziektewetuitkering wordt bevestigd omdat de psychische beperkingen geen overwegende belemmering vormen voor het verrichten van het eigen werk.