ECLI:NL:CRVB:2011:BV0025
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- T. Hoogenboom
- Rechtspraak.nl
Bevestiging intrekking WIA-uitkering wegens voldoende verdiencapaciteit
Appellant maakte bezwaar tegen het besluit van het UWV om zijn WIA-uitkering per 24 augustus 2009 in te trekken wegens een arbeidsongeschiktheid van minder dan 35%. Zowel het bezwaar als het beroep bij de rechtbank werden ongegrond verklaard. Appellant voerde knie-, cognitieve en psychische klachten aan die hem zouden beletten duurzaam te werken zonder extreem ziekteverzuim.
De rechtbank en de Raad toetsten het besluit aan de hand van verzekeringsgeneeskundig en arbeidskundig onderzoek. De verzekeringsartsen hadden op basis van eigen onderzoek en dossierstudie een Functionele Mogelijkhedenlijst opgesteld. De arbeidsdeskundige selecteerde passende functies die appellant gelet op zijn beperkingen kon vervullen.
De Raad vond geen aanwijzingen dat de medische beperkingen ernstiger waren dan vastgesteld. De rechtbank had terecht geen aanleiding gezien een medisch deskundige te benoemen. De conclusie dat appellant in staat is om meer dan 65% van zijn maatmaninkomen te verdienen, werd bevestigd. De intrekking van de uitkering blijft daarmee in stand.
Uitkomst: De intrekking van de WIA-uitkering per 24 augustus 2009 wordt bevestigd omdat appellant in staat is meer dan 65% van zijn maatmaninkomen te verdienen.