ECLI:NL:CRVB:2012:BV0301
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- J.W. Schuttel
- Rechtspraak.nl
Bevestiging eerste arbeidsongeschiktheidsdag en ingangsdatum WAO-uitkering
Appellant betwistte de vaststelling van de eerste arbeidsongeschiktheidsdag door het UWV op 22 maart 2004 en stelde dat deze datum eerder lag, namelijk 21 februari 2003, vanwege aanhoudende klachten sinds een eerdere intrekking van de WAO-uitkering in 2000. Het UWV had op 7 september 2009 een WAO-uitkering toegekend met ingang van 19 april 2004, na een wachttijd van vier weken.
De rechtbank Arnhem oordeelde dat de stelling van appellant onvoldoende werd onderbouwd en dat de datum van 22 maart 2004 juist was, mede gebaseerd op medische rapporten, ziekmeldingen en loongegevens. Het bezwaar van appellant werd ongegrond verklaard. In hoger beroep herhaalde appellant zijn standpunt, ondersteund door een medisch schrijven, maar de Raad vond geen aanleiding om af te wijken van de eerdere beoordeling.
De Centrale Raad van Beroep bevestigde de uitspraak van de rechtbank en oordeelde dat de vastgestelde datum aansluit bij eerdere verklaringen van appellant in het kader van een WIA-beoordeling en dat er geen concrete gegevens waren die aanleiding gaven tot twijfel. Het verzoek om schadevergoeding werd eveneens afgewezen.
Uitkomst: De Centrale Raad van Beroep bevestigt de vaststelling van 22 maart 2004 als eerste arbeidsongeschiktheidsdag en wijst het beroep van appellant af.