ECLI:NL:CRVB:2012:BV0304
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- T. Hoogenboom
- Rechtspraak.nl
Intrekking hoger beroep na gewijzigde beslissing UWV met proceskostenveroordeling
Appellant stelde hoger beroep in tegen een uitspraak van de rechtbank Utrecht inzake een WIA-uitkering. Tijdens de procedure nam het UWV een gewijzigde beslissing op bezwaar die volledig tegemoetkwam aan de bezwaren van appellant. Hierdoor trok appellant het hoger beroep in.
De Centrale Raad van Beroep oordeelde dat het UWV op verzoek van appellant veroordeeld kan worden tot vergoeding van de schade en proceskosten, conform de artikelen 8:73a en 8:75a van de Algemene wet bestuursrecht en artikel 21 van Pro de Beroepswet. De Raad wees het verzoek toe om het UWV te veroordelen tot betaling van de wettelijke rente over de na te betalen uitkering.
Verder bepaalde de Raad dat de wettelijke rente voortaan loopt vanaf de eerste dag van de kalendermaand volgend op de maand waarop de periodieke betaling betrekking heeft, om praktische redenen. Ten slotte veroordeelde de Raad het UWV tot vergoeding van de proceskosten in beroep en hoger beroep, begroot op €1.748,-.
Uitkomst: Het UWV wordt veroordeeld tot betaling van wettelijke rente en proceskosten aan appellant na intrekking van het hoger beroep.