ECLI:NL:CRVB:2012:BV1041

Centrale Raad van Beroep

Datum uitspraak
12 januari 2012
Publicatiedatum
5 april 2013
Zaaknummer
11-5525 AW
Type
Uitspraak
Uitkomst
Afwijzend
Procedures
  • Hoger beroep
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 8:75a Awb
Verwijzingen
1 uitgaand
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Bevestiging afwijzing proceskostenveroordeling na intrekking beroep tegen RDDF-status

Appellante had beroep ingesteld tegen het besluit van de Stichting betreffende de handhaving van de RDDF-status. Tijdens de procedure trok zij haar beroep in. Vervolgens verzocht zij de rechtbank om de stichting te veroordelen in de proceskosten. De rechtbank wees dit verzoek af, omdat er geen sprake was van tegemoetkomen in de zin van artikel 8:75a van de Algemene wet bestuursrecht (Awb).

De Centrale Raad van Beroep bevestigt deze uitspraak. De Raad overweegt dat de RDDF-status niet is ingetrokken vanwege de inhoud van de beroepsgronden van appellante, maar door een gewijzigde situatie waardoor appellante kon terugkeren in haar eigen functie. Hierdoor was geen sprake van tegemoetkomen door de stichting.

Het hoger beroep van appellante slaagt niet. De Raad benadrukt dat het verzoek tot proceskostenveroordeling terecht is afgewezen, omdat de intrekking van de RDDF-status niet het gevolg was van de beroepsprocedure maar van externe omstandigheden.

De uitspraak is in het openbaar gedaan en het proces-verbaal is door de griffier en voorzitter ondertekend. Zowel appellante als de stichting werden bijgestaan door gemachtigden tijdens de zitting.

Uitkomst: Het hoger beroep wordt afgewezen en het verzoek tot proceskostenveroordeling wordt niet toegewezen.

Uitspraak

11/5525 AW
Centrale Raad van Beroep
Enkelvoudige kamer
P R O C E S – V E R B A A L
van de mondelinge uitspraak op 12 januari 2012
Zitting heeft: K. Zeilemaker
Griffier: B. Bekkers
Uitspraak op het hoger beroep van [Appellante], wonende te [woonplaats], (hierna: appellante),
tegen de uitspraak van de rechtbank Haarlem van 13 september 2011, 11/308 (hierna: aangevallen uitspraak),
in het geding tussen
appellante
en
de Stichting [naam Stichting] (hierna: stichting)
Ter zitting zijn verschenen:
Appellante bij gemachtigde mr. drs. G.A.M.V. Verschuren.
De stichting bij gemachtigde mr. V.G.A. Kellenaar.
De Centrale Raad van Beroep;
Recht doende:
Bevestigt de aangevallen uitspraak.
Deze beslissing is in het openbaar uitgesproken. Zij is gebaseerd op de volgende overwegingen:
Bij de aangevallen uitspraak is het verzoek van appellante om de stichting in de proceskosten te veroordelen, nadat appellante haar beroep tegen het besluit tot handhaving van de RDDF-status had ingetrokken, afgewezen.
De Raad is met de rechtbank van oordeel dat geen sprake is geweest van tegemoetkomen in de zin van artikel 8:75a van de Algemene wet bestuursrecht. De RDDF-status is niet ingetrokken, beter gezegd komen te vervallen, vanwege de inhoud van de beroepsgronden van appellante, maar als gevolg van een gewijzigde situatie. Daardoor kon appellante weer terugkeren in haar eigen functie. Het hoger beroep slaagt niet.
Waarvan proces-verbaal
de griffier de voorzitter
getekend getekend
Voor eensluidend afschrift
de griffier van de
Centrale Raad van Beroep
HD