ECLI:NL:CRVB:2012:BV2680
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- C.W.J. Schoor
- Rechtspraak.nl
Bevestiging besluit loongerelateerde WIA-uitkering bij gedeeltelijke arbeidsgeschiktheid
Appellant, voormalig manager en ondernemer in de uitzendbranche, meldde zich ziek met fysieke en psychische klachten en kreeg later ook cardiale klachten. Het UWV stelde vast dat hij recht had op een loongerelateerde uitkering op grond van de Wet WIA vanwege gedeeltelijke arbeidsgeschiktheid.
Appellant maakte bezwaar tegen dit besluit en stelde dat hij meer beperkingen had, onder meer door medicijngebruik, energietekort en hartklachten, waardoor de geduide functies niet passend zouden zijn. De rechtbank verklaarde het beroep ongegrond en onderschreef de medische en arbeidskundige grondslagen van het besluit.
In hoger beroep bracht appellant geen nieuwe medische gegevens in. De Raad bevestigde het oordeel van de rechtbank dat de beperkingen adequaat waren vastgesteld, dat de functies geen ontoelaatbare overschrijdingen van belastbaarheid bevatten en dat de stelling over onvoldoende taalbeheersing niet gegrond is. Het hoger beroep werd ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank bevestigd.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank bevestigd.