ECLI:NL:CRVB:2012:BV6330
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- T. Hoogenboom
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek voorlopige voorziening wegens ontbreken spoedeisend belang in WIA-zaak
Verzoeker heeft bij de Centrale Raad van Beroep een verzoek om een voorlopige voorziening ingediend tegen het besluit van het UWV waarin zijn recht op een loongerelateerde WIA-uitkering werd gehandhaafd. Verzoeker stelde dat de voortgang van de procedure zijn gezondheidsklachten verergerde en spoedeisendheid rechtvaardigde.
De voorzieningenrechter heeft het verzoek onderzocht en geconstateerd dat er geen medisch objectieve aanwijzingen waren dat de gezondheid van verzoeker daadwerkelijk schade zou lijden door het uitblijven van een spoedige uitspraak. De Raad benadrukte dat de procedure niet bedoeld is om de hoofdzaak te bespoedigen via een voorlopige voorziening.
Daarom werd het verzoek om voorlopige voorziening afgewezen. De uitspraak werd gedaan door voorzieningenrechter T. Hoogenboom, in aanwezigheid van griffier I.J. Penning, op 10 februari 2012.
Uitkomst: Het verzoek om voorlopige voorziening wordt afgewezen wegens ontbreken van een spoedeisend belang.