ECLI:NL:CRVB:2012:BV7216
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Ch. van Voorst
- Rechtspraak.nl
Bevestiging afwijzing ziekengeld na einde dienstverband wegens nieuwe ziekmelding
Appellant was in loondienst bij een werkgever en is op 5 december 2008 ontslagen. Na een ongeval waarbij hij zijn sleutelbeen brak, meldde hij zich op 10 maart 2009 ziek bij het UWV. Het UWV weigerde ziekengeld toe te kennen omdat de ziekmelding meer dan een maand na het einde van het dienstverband plaatsvond.
De rechtbank verklaarde het beroep tegen het besluit van het UWV voor het grootste deel ongegrond, omdat onvoldoende was gebleken dat appellant tijdens het dienstverband arbeidsongeschikt was geweest. Hierdoor kon appellant geen aanspraak maken op ziekengeld op grond van artikel 46 van Pro de Ziektewet.
In hoger beroep bevestigde de Centrale Raad van Beroep het oordeel van de rechtbank. De Raad overwoog dat het ongeval in juni 2008 geen aanleiding gaf tot een eerdere ziekmelding en dat het ziektegeval van 10 maart 2009 een nieuw ziektegeval betrof. Daarom was het besluit van het UWV om geen ziekengeld toe te kennen terecht.
De Raad wees ook een verzoek om proceskostenveroordeling af en bevestigde de uitspraak van de rechtbank.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt afgewezen en het besluit van het UWV om geen ziekengeld toe te kennen wordt bevestigd.