ECLI:NL:CRVB:2012:BW0208
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Ch. van Voorst
- Rechtspraak.nl
Bevestiging beëindiging ZW-uitkering na zorgvuldige medische beoordeling
Appellant was werkzaam als assemblagemedewerker en meldde zich ziek wegens rugklachten. Het UWV beëindigde de ZW-uitkering per 2 maart 2009 omdat appellant niet langer ongeschikt werd geacht voor arbeid. Het bezwaar tegen dit besluit werd ongegrond verklaard door het UWV en bevestigd door de rechtbank.
De rechtbank baseerde zich op een rapport van een bezwaararbeidsdeskundige die concludeerde dat de werkzaamheden binnen normale belastingwaarden vielen en dat de werkbeschrijving juist was. Ook het rapport van de bezwaarverzekeringsarts werd als zorgvuldig en deugdelijk beoordeeld.
In hoger beroep heeft de Centrale Raad van Beroep het oordeel van de rechtbank bevestigd. De Raad vond het rapport van de bezwaarverzekeringsarts zorgvuldig en voldoende onderbouwd. Nieuwe medische gegevens, waaronder een brief van een orthopedisch chirurg en een aanvullend rapport, boden geen reden tot herziening van het standpunt. Er werden geen neurologische afwijkingen vastgesteld die de klachten konden verklaren.
De Raad concludeerde dat appellant belastbaar was voor rugsparende arbeid en dat het hoger beroep ongegrond is. Er werden geen proceskosten toegewezen. De uitspraak bevestigt het besluit tot beëindiging van de ZW-uitkering.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en het besluit tot beëindiging van de ZW-uitkering wordt bevestigd.