ECLI:NL:CRVB:2012:BW0871
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- J.W. Schuttel
- C.W.J. Schoor
- H. Zeijen
- Rechtspraak.nl
Bevestiging weigering WIA-uitkering wegens onvoldoende arbeidsongeschiktheid
Appellante, werkzaam als bejaardenverzorgster, meldde zich ziek na een auto-ongeluk en vroeg een WIA-uitkering aan. Het UWV stelde op basis van medisch en arbeidskundig onderzoek vast dat haar arbeidsongeschiktheid minder dan 35% bedroeg, waardoor geen recht op uitkering ontstond. De rechtbank verklaarde het beroep van appellante ongegrond en onderschreef de medische en arbeidskundige beoordeling van het UWV.
Appellante voerde in hoger beroep aan dat haar klachten, waaronder een post-whiplashsyndroom, onvoldoende waren erkend en dat zij niet in staat was duurzaam en fulltime te werken. Zij bracht diverse medische rapporten in, waaronder van psychologen, een revalidatiearts, een psychiater en een neuroloog. Het UWV voerde verweer en verzocht bevestiging van de eerdere uitspraak.
De Raad oordeelde dat de aangevoerde nieuwe medische gegevens geen aanleiding gaven tot een ander oordeel dan de rechtbank. De medische onderzoeken van het UWV waren zorgvuldig en de beperkingen van appellante waren niet onderschat. De conclusies van de psychiater en neuroloog werden niet voldoende ondersteund door objectieve medische gegevens. Ook de geschiktheid van de voor appellante geduide functies werd niet betwijfeld.
De Raad bevestigde daarom de uitspraak van de rechtbank en zag geen grond voor toepassing van bijzondere bestuursrechtelijke maatregelen. De weigering van de WIA-uitkering bleef daarmee in stand.
Uitkomst: De Centrale Raad van Beroep bevestigt de weigering van de WIA-uitkering wegens onvoldoende arbeidsongeschiktheid.