ECLI:NL:CRVB:2012:BW4178
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- J. Riphagen
- Rechtspraak.nl
Geen recht op WIA- en Ziektewetuitkering wegens onvoldoende arbeidsongeschiktheid
Appellante vorderde een uitkering op grond van de Wet WIA en de Ziektewet. Het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen (Uwv) had vastgesteld dat haar arbeidsongeschiktheid minder dan 35% bedroeg en weigerde daarom de uitkeringen. De rechtbank verklaarde de beroepen van appellante ongegrond, waarbij zij de verzekeringsgeneeskundige conclusies onderschreef en oordeelde dat appellante medisch in staat was de geduide functies te vervullen.
In hoger beroep handhaafde appellante haar standpunten, maar bracht geen nieuwe medische informatie of wezenlijke nieuwe gezichtspunten in. De Centrale Raad van Beroep onderschreef de overwegingen van de rechtbank en bevestigde dat appellante geen recht heeft op een WIA-uitkering en ook geen Ziektewetuitkering kan ontvangen vanaf 21 april 2010.
Het verzoek om schadevergoeding werd eveneens afgewezen. De Raad zag geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling en deed de uitspraak in het openbaar op 25 april 2012.
Uitkomst: Appellante krijgt geen recht op WIA- of Ziektewetuitkering omdat haar arbeidsongeschiktheid minder dan 35% is en zij in staat wordt geacht de geduide functies te vervullen.