ECLI:NL:CRVB:2012:BW4800
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- H.A.A.G. Vermeulen
- N.J. van Vulpen-Grootjans
- J.Th. Wolleswinkel
- Rechtspraak.nl
Bevestiging vervallen verklaring bezoldiging wegens niet opgeven verblijfadres tijdens ziekte
Appellant was werkzaam als onderwijs/onderzoeksassistent bij de Universiteit Utrecht en vertrok in oktober 2008 naar Nigeria. Tijdens ziekte in die periode gaf hij zijn verblijfadres niet op aan zijn leidinggevende, in strijd met het verzuimprotocol. Het college van bestuur verklaarde daarom zijn aanspraak op bezoldiging met toepassing van artikel 15, eerste lid, van de Ziekte- en Arbeidsongeschiktheidsregeling Nederlandse Universiteiten (ZANU) 2008 vervallen.
Appellant stelde in hoger beroep dat hij van januari tot maart 2009 in het ziekenhuis verbleef, maar deze stelling werd door de Raad niet geloofd vanwege gebrek aan bewijs en tegenstrijdige verklaringen, waaronder die van zijn echtgenote. De Raad oordeelde dat het college van bestuur bevoegd was het besluit te nemen en dat appellant voldoende was gewaarschuwd voor de gevolgen van zijn nalatigheid.
De rechtbank had het beroep van appellant ongegrond verklaard en de Centrale Raad van Beroep bevestigde deze uitspraak. Er werd geen aanleiding gezien voor vergoeding van proceskosten. Het hoger beroep slaagde niet en het besluit tot stopzetting van de bezoldiging bleef van kracht.
Uitkomst: De Centrale Raad van Beroep bevestigt dat de bezoldiging van appellant terecht is vervallen verklaard wegens het niet opgeven van zijn verblijfadres tijdens ziekte.