ECLI:NL:CRVB:2012:BW6554
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- N.J. van Vulpen-Grootjans
- J.G. Treffers
- K.J. Kraan
- Rechtspraak.nl
Onrechtmatig ontslag wegens ongeschiktheid door ziekte en onterechte bezoldigingsvermindering
Appellant was sinds 2004 in dienst bij de Rijksuniversiteit Groningen en ging in 2007 over naar het Universitair Medisch Centrum Groningen (UMCG). Na incidenten in 2006 meldde appellant zich ziek, waarna de bedrijfsarts aanvankelijk beperkte arbeidsgeschiktheid vaststelde. In 2007 werd appellant hersteld verklaard, maar het UMCG verminderde zijn bezoldiging wegens langdurige ziekte en sprak ontslag uit op grond van onherstelbaar verstoorde verhoudingen.
Appellant maakte bezwaar tegen de bezoldigingsvermindering en het ontslag. Het UWV stelde in een deskundigenoordeel dat appellant op de datum van ontslag niet geschikt was voor zijn functie vanwege ziekte. Een door de rechtbank benoemde deskundige bevestigde dit oordeel. De rechtbank verklaarde het beroep ongegrond, maar de Centrale Raad van Beroep vernietigde het ontslagbesluit omdat het bestuur niet bevoegd was te ontslaan op grond van onherstelbaar verstoorde verhoudingen terwijl appellant ziek was.
De Raad bevestigde dat de bezoldigingsvermindering rechtmatig was, maar oordeelde dat het ontslag op grond van ziekte had moeten plaatsvinden. Het bestuur werd veroordeeld tot vergoeding van de proceskosten en het griffierecht aan appellant. Het besluit tot ontslag werd vernietigd en herroepen.
Uitkomst: Het ontslag op grond van onherstelbaar verstoorde verhoudingen is onrechtmatig verklaard en vernietigd; de bezoldigingsvermindering is rechtmatig.